Flebologie (Grieks: "Phlebos" betekent (slag)ader )

Een definitie kan eigenlijk alleen door een dokter worden gegeven, die deze materie volledig beheerst. In eenvoudige bewoordingen en wel zodanig, dat het ook voor een leek begrijpelijk is.

Flebologie
Omvat dat gedeelte van de geneeskunde wat zich bezig houdt met de ziekten van of afwijkingen aan het aderstelsel en wel voornamelijk aan de benen. Bij het woord flebologie wordt allereerst gedacht aan spataderen en de eventuele gevolgen daarvan, zoals open benen en/of eczeem.


Functie
Functie van de aderen of vaten. Wij onderscheiden slagaderen (arteriën)die het zuurstofrijke bloed vanuit het hart naar alle delen van ons lichaam pompen en aderen die in retour naar het hart het zuurstof arme bloed vervoeren. In de longen wordt het weer van zuurstof voorzien en via het hart gaat het opnieuw de circulatie in. Voorts bestaat er nog een lymfvatenstelsel, een onderdeel van het “retoursysteem”.

Dit is voornamelijk belast met de afvoer van verbruikte en schadelijke stoffen. De afvoer van lymfe (weefselvocht) verloopt via de lymfbanen, zeer fijne kanaaltjes, naar de lymfklieren, waar de lymfe wordt gezuiverd. Via de grotere lymfbanen komt de lymfe vervolgens in het adersysteem. De grotere lymfbanen bezitten evenals de aderen kleppen om terugstromen van de lymfe te voorkomen.

Stagneert de afvoer van lymfe, dan ontstaat er een ophoping van weefselvocht, hetgeen lymfoedeem kan veroorzaken. Ziekten van de lymfvaten kunnen aangeboren zijn (te weinig lymfvaten), wat kan leiden tot dikke benen met veel vocht erin, welke kunnen overgaan in de zogenaamde ‘olifantsbenen’. Ook kunnen ze door operaties en bestraling (meestal bij borstkanker) beschadigd zijn of verwijderd en dan met name ten koste van de lymfklieren. Daardoor ontstaan onder meer dikke armen. Globaal gesteld vindt in deze gevallen door middel van sterk drukkende verbanden en aparte kousen verwijdering plaats van het overtollige vocht.